Adoption center closed; Hoksbergen forced to relinquish professorship: "I say what I feel and what I think"

dub.uu.nl
7 February 2000

Orignal Text(Adoptiecentrum opgeheven; Hoksbergen moet afstand doen vanleerstoel: "Ik zeg wat ik voel en wat ik vind"

 

De naam René Hoksbergen zal de laatste maanden weinigmensen ontgaan zijn. De afgelopen weken was desociaal-psycholoog/pedagoog, zoals al vaker tijdens zijn loopbaan,duidelijk en frequent aanwezig in de media. De redactie van Barenden Witteman wist hem meermaals te vinden, vrijwel alle landelijkedagbladen plaatsten een interview met hem of mochten een ingezondenbrief van zijn hand ontvangen en optredens voor de radio ontbrakenevenmin.

Hoksbergen is iemand die duidelijke uitspraken doet, ook overcontroversiële zaken. "Ik heb geen diplomatieke achtergrond.Ik ben geboren in een commercieel gezin waarin recht voor z'n raapmet elkaar gecommuniceerd werd. Dat doe ik nog steeds, ik zeg watik voel en wat ik vind."

Dertig jaar geleden adopteerden goede vrienden van Hoksbergen enzijn vrouw een kindje uit Korea. "Wij hebben in die periode ookadoptie overwogen. Uit idealistische motieven, we hadden al eenzoon. Maar er was een wachtlijst van jaren en we wilden met onsgezin à in 1974 werd ons tweede kind geboren à niet op destoel van kinderloze echtparen gaan zitten."

Na die beslissing werd Hoksbergen niet minder actief in hetadoptiewerk. "Begin jaren tachtig werd het schrijnend duidelijk dathet ontbrak aan hoogleraren adoptie. De adoptie van kinderenoverzee die rond 1970 op gang was gekomen bracht veel vragen rondompsychosociale problematiek met zich mee: Hoe ga je om met een kinddat zwaar verwaarloosd is in zijn prille jeugd, hoe verhoudt hetadoptiekind zich in een gezin met al aanwezige kinderen, welkemotieven zijn er om een kind te adopteren? Het was zo nieuwallemaal. De praktijk liep wel honderd stappen voor op detheorie."

Dr. Spock

Hoksbergen begon in 1975 samen met enkele collega's zijn eersteonderzoek. In 1979 verscheen `Adoptie van kinderen uit verrelanden'. Het boek werd de Dr. Spock voor adoptieouders en was in notime uitverkocht. In 1984 kwam er een leerstoel en RenéHoksbergen werd bijzonder hoogleraar adoptie aan de UniversiteitUtrecht. Hij (mede-)publiceerde meer dan dertig boekwerken over hetonderwerp adoptie, hij gaf les, veel lezingen en ging meerderemalen per jaar naar het buitenland op werkbezoek. Deze maandverschijnt `Adoptie, een levenslang dilemma'. In hetAdoptiecentrum, een piepkleine eenheid in de grote universitairemolen, werd hard gewerkt. "Al die jaren door is er ruimschoots aande universitaire eisen voldaan."

Ondanks zijn inzet en bevlogenheid is na vijftien jaar hetmoment gekomen waarop Hoksbergen afstand moet doen van deleerstoel. Het Adoptiecentrum is opgeheven want er is geen plekmeer voor op de universiteit. "Ik heb zoveel fusies, bestuurlijkehervormingen en bureaucratische transformaties meegemaakt, vooralde laatste jaren. Met verbijstering kijk ik daar op terug. Hoegroter de eenheid is, hoe groter de afstand wordt en hoe meer hetindividu op zichzelf wordt teruggeworpen.

Ik zie de voordelen van schaalvergroting niet in. Ik vrees voorde mensen die de boot gaan missen in de gigantische organisatiesdie ontstaan. En het zijn grote aantallen mensen waar ik het overheb, vergis je daar niet in. Persoonlijk contact is steeds mindermogelijk. Dat vind ik treurig en het baart me grote zorgen. Ik merkaan mijn studenten hoe zeer ze het waarderen als er moeite gedaanwordt voor dat contact. Iedereen die de laatste vijf jaar isafgestudeerd aan de universiteit kan zich waarschijnlijk die paarpersoonlijke gesprekken herinneren die hij gehad heeft. Als ik danhoor brainstormen over een fusie in de toekomst tussen het HBO ende universiteit denk ik: mensen, hou nou toch eens op."

Overwerkt

Ook zelf heeft Hoksbergen de klappen van de reorganisatiegevoeld. "Met weinig mensen hebben we de boel hier draaiende moetenhouden. Die belasting was te groot en de universiteit is daarmeerdere malen aan voorbij gegaan. In 1996 was ik zwaar overwerkten oververmoeid. Ik heb toen een sabbatical leave aangevraagd endat werd gehonoreerd. Maar er is niet één reactie opgekomen en er is al helemaal geen conclusie uit getrokken. Hetgebrek aan steun van universitaire zijde is ten koste gegaan vanhet onderzoek en mijn eigen mogelijkheden. Ik kan nog steedswoedend worden als ik er aan denk hoe ik nachten wakker heb gelegenover de bureaucratische lompheden die zijn begaan, over de dwazefouten die zijn gemaakt. Triest en stom. Als ik terugkijk op mijnbijzonderhoogleraarschap doe ik dat niet alleen met plezier envoldoening, maar ook met frustratie en boosheid."

Plezier en voldoening gaven de samenwerking met zijnmedewerkers, het resultaat van zijn onderzoeken en de academischevrijheid. "In mijn doen en laten was ik helemaal vrij", zegtHoksbergen. "Ik voldeed uit mezelf al aan de eisen die deuniversiteit stelt aan een hoogleraar: ik publiceerde meer dangenoeg en hield me veel bezig met onderwijs. Maar heel belangrijkvind ik ook het gevolg dat mijn werk heeft. Veel mensen en vroegeremedewerkers hebben er grote steun aan gehad. Ik ontvang nogregelmatig persoonlijke brieven en bedankbrieven, opvallend veelzelfs."

Zaaddonorschap

Een van de hete hangijzers op dit moment waar Hoksbergen zichvoor inzet is de KID-kwestie. Hij steekt zijn mening over anoniemzaaddonorschap niet onder stoelen of banken. "Het is ethischonjuist. Een kind vraagt niet om zo'n situatie. Iedereen heeft hetrecht om te weten waar hij genetisch vandaan komt. Dat roep ik aljarenlang en dat pleit lijkt eindelijk gewonnen te worden in hetvoordeel van de kinderen."

Omstreden is ook zijn mening over de inzet van media ompleeggezinnen voor moeilijk plaatsbare kinderen te vinden. "InEngeland bestaat er een dergelijk tv-programma en er zijn plannenom in Nederland ook zoiets te gaan maken. Met inachtneming vanintegriteit, toestemming en grote voorzichtigheid; waarom zouden wehet dan niet doen? Het Liliane Fonds bijvoorbeeld gebruikt ook demacht van de media. We zien een ziek kind, horen zijn verhaal enhet is de bedoeling dat we geld geven. Doen we daar moeilijk over?Het kindzorg-aspect staat voorop en als een tv-programma daarbijkan helpen zeg ik: goed. Ik wil ook best helpen bij het maken vanzo'n programma in een adviesrol. Ik heb daar al met de producentover gepraat."

Naast externe activiteiten en zijn eigen adoptiepraktijk waarinhij begeleiding en nazorg voor ouders en kinderen verzorgt, blijftHoksbergen tot oktober 2003 verbonden aan de UU. De komende jarenzal hij zijn onderwijs- en onderzoekswerkzaamheden aan deuniversiteit afronden. "Ik ben nu bezig met een onderzoek naar desituatie van kinderen in Roemenië. Er werken twaalf studentenvan vier verschillende universiteiten aan mee: Nijmegen, Leiden,Amsterdam en Utrecht. Het gaat heel goed."

"Wat ik graag nog had willen doen? Een onderzoek samen met eenAmerikaanse collega naar de effecten van verwaarlozing op jongeleeftijd op de puberteitsontwikkeling en integratie in desamenleving. Het materiaal ligt klaar, maar ik ben bang dat het erniet meer van komt. Het NWO heeft het voorstel afgewezen. Omdatéén persoon van de beoordelende commissie kennelijk niettot mijn fanclub behoort en van beperkt inzicht getuigt." Het vuurin de ogen van Hoksbergen laait weer op. "Jammer voorhetadoptiewerk."

Lineke van den Boezem) 

Translated Text(doption center closed; Hoksbergen forced to relinquish professorship: "I say what I feel and what I think"
The name René Hoksbergen will not have escaped many people's notice in recent months. In the past few weeks, the social psychologist/pedagogue has been clearly and frequently present in the media, as has often been the case during his career. The editors of Barenden Witteman managed to find him on several occasions, virtually all national newspapers published an interview with him or received a letter from him, and radio appearances were not lacking either.

Hoksbergen is someone who makes clear statements, even on controversial matters. "I have no diplomatic background. I was born into a commercial family where communication was very straightforward. I still do that; I say what I feel and what I think."

Thirty years ago, close friends of Hoksbergen and his wife adopted a child from Korea. "We also considered adoption during that period. Out of idealistic motives; we already had a son. But there was a waiting list of years, and with our family—our second child was born in 1974—we did not want to sit in the chair of childless couples."

After that decision, Hoksbergen did not become any less active in adoption work. "In the early eighties, it became painfully clear that there was a lack of professors of adoption. The adoption of children overseas, which had started around 1970, brought with it many questions regarding psychosocial issues: How do you deal with a child who has been severely neglected in his early childhood, how does the adopted child relate to a family with existing children, what are the motives for adopting a child? It was all so new. Practice was a hundred steps ahead of theory."

Dr. Spock

Hoksbergen began his first research project in 1975 together with a few colleagues. In 1979, *Adoption of Children from Faraway Lands* was published. The book became the Dr. Spock for adoptive parents and sold out in no time. In 1984, a chair was established, and René Hoksbergen became a special professor of adoption at Utrecht University. He (co-)published more than thirty books on the subject of adoption, taught classes, gave many lectures, and went abroad on working visits several times a year. This month, *Adoption, a Lifelong Dilemma* is being published. Hard work was done at the Adoption Center, a tiny unit within the large university machinery. "Throughout all those years, the university requirements have been amply met."

Despite his dedication and passion, after fifteen years the moment has come when Hoksbergen must relinquish the chair. The Adoption Center has been closed down because there is no longer a place for it at the university. "I have witnessed so many mergers, administrative reforms, and bureaucratic transformations, especially in recent years. I look back on them with bewilderment. The greater the unity, the greater the distance becomes, and the more the individual is thrown back upon themselves.

I do not see the benefits of scaling up. I fear for the people who will miss the boat in the gigantic organizations that are emerging. And I am talking about large numbers of people; make no mistake about that. Personal contact is becoming increasingly difficult. I find that sad, and it worries me greatly. I notice in my students how much they appreciate it when an effort is made for that contact. Anyone who has graduated from university in the last five years can probably remember those few personal conversations they had. When I hear brainstorming about a future merger between universities of applied sciences and universities, I think: people, just stop it."

Overworked

Hoksbergen himself has also felt the blows of the reorganization. "We had to keep things running here with very few people. That burden was too great, and the university ignored it three times. In 1996, I was severely overworked and exhausted. I applied for sabbatical leave at the time, and it was granted. But there was not a single response, and certainly no conclusion was drawn from it. The lack of support from the university side came at the expense of research and my own opportunities. I can still get furious when I think about how I lay awake at night over the bureaucratic blunders that were committed, over the foolish mistakes that were made. Sad and stupid. When I look back on my tenure as a special professor, I do so not only with pleasure and satisfaction, but also with frustration and anger."

The collaboration with his staff, the results of his research, and academic freedom provided pleasure and satisfaction. "I was completely free in my actions," says Hoksbergen. I already met the requirements the university sets for a professor on my own initiative: I published more than enough and was heavily involved in teaching. But I also consider the impact my work has had to be very important. Many people and former colleagues have derived great support from it. "I still regularly receive personal letters and thank-you letters, remarkably many, in fact."

Sperm Donation

One of the hot topics Hoksbergen is currently campaigning for is the AID issue. He makes no secret of his opinion regarding anonymous sperm donation. "It is ethically wrong. A child does not ask for such a situation. Everyone has the right to know where they come from genetically. I have been saying this for years, and that argument finally seems to be won in favor of the children."

His opinion on the use of the media to provide foster families for children who are difficult to place is also controversial. "There is a TV program like this in England, and there are plans to create something similar in the Netherlands. With due regard for integrity, consent, and great caution; why shouldn't we do it then? The Liliane Fund, for example, also uses the power of the media. We see a sick child, hear their story, and the intention is that we give money." Are we making a fuss about that? The child care aspect comes first, and if a TV program can help with that, I say: fine. I am also quite willing to help with the production of such a program in an advisory role. I have already spoken to the producer about that."

In addition to external activities and his own adoption practice, in which he provides guidance and aftercare for parents and children, Hoksbergen will remain affiliated with Utrecht University until October 2003. In the coming years, he will complete his teaching and research activities at the university. "I am currently working on a study into the situation of children in Romania. Twelve students from four different universities are participating: Nijmegen, Leiden, Amsterdam, and Utrecht. It is going very well."

"What I would have liked to do? A study together with an American colleague into the effects of early childhood neglect on adolescent development and integration into society. The material is ready, but I am afraid it will never happen. The NWO rejected the proposal." "Because one person on the assessment committee apparently does not belong to my fan club and demonstrates limited insight." The fire in Hoksbergen's eyes flares up again. "Too bad for the adoption work.")