Wie de bemiddelaar niet betaalt, krijgt geen kind
Gepubliceerd op: 14 april 1987
W. J. de Bruin
Meer informatie
Wie de bemiddelaar niet betaalt, krijgt geen kind
"Aan de nood van ongehuwde moeders en arme ouders wordt heel wat geld verdiend"
Zolang de buitenechtelijke werkelijkheid van alle dag in Sri Lanka voldoende ongewenste kinderen biedt, wordt naar westerse maatstaven aan een belangrijke voorwaarde voor adoptie voldaan: aan de biologische moeder wordt niet voor haar haar kind betaald. De droeve achtergrond van vele adopties van Srilankaanse baby's is een onverzoenlijke samenleving die kinderen van ongehuwde moeders uitkotst. Er is gewoonweg geen reden om moeders in Sri Lanka veel geld te betalen voor hun pasgeboren kindjes. Voor deze vrouwen, vaak nog meisjes in hun kinderjaren, is adoptie veelal de enige uitweg in hun uitzichtloze situatie. In het marktmechanisme van vraag en aanbod, waaraan ook liefdadige adopties zijn onderworpen, is in die zin van babyhandel vooralsnog geen sprake.
Dat de wil van de moeder niet door geld zou worden bepaald bij de beslissing om haar kindje voor het adoptie af te staan, is van doorslaggevende betekenis geweest voor Bredase advocaat mr. Leon Hanssen. Via de bemiddeling van de stichting Kind en Toekomst ver.... hij in januari met zijn echtgenote Marga in het adoptiecentrum Dawn de Silva te Wadduwa, dertig kilometer ten zuiden van Colombo, de hoofdstad van Sri lanka.
Met negen andere Nederlandse echparen waren Leon en Margot Hanssen naar Sri Lanka gevlogen om hun tweede kindje te adopteren.
Deze wens dreigde onvervuld te blijven toen politie-inspecteur B. ..andassa het centrum binnenviel van eigenaresse Dawn de Silva en .. vrouwen arresteerde en 22 baby''s door het departement voer moederzorg liet onderbrengen in verschillende staatstehuizen.
Nuchterder dan zijn Nederlandse lotgenoten zag Hanssen een mogelijke zwendel met pasgeboren baby''s onder ogen. Hanssen: „Het zou erg en diep tragisch voor ons geweest als wij naar Nederland moesten terugkeren zonder kind, maar als het werkelijk zo zat, kon het toch maar beter op dit moment worden ontdekt. Stel je voor dat je eenmaal terug in Nederland zou horen dat jouw kindje door de natuurlijke moeder onder dwang was afgestaan of voor ... was verkocht". Uiteindelijk kwam het toch allemaal goed", zegt Hanssen opgelucht. Hij vreesde dat ook de Nederlandse adoptieouders „achter het bamboe zouden verdwijnen", Hanssen: „Hoewel de moeders onder beroerde omstandigheden in de gevangenis verbleven, bleven zij bij hun verklaring dat zij niet waren geronseld. Ook ontkenden ze geld voor het afstaan van hun kind te hebben ontvangen. Dat gaf ons de zekerheid dat, ondanks de hetze in de plaatselijke kranten, er door de moeders niet in baby''s werd gehandeld".
Filantropie
Leon en Margot Hanssen hebben de vaste overtuiging dat de moeder van het inmiddels ruim vier maanden oude jongetje Ludo Pryantha niet werd gedreven door financiële motieven bij de beslissing om haar kind af te staan. Minder groot is het vertrouwen van het Bredase adoptie-echtpaar in de vermeende onbaatzuchtigheid van Dawn de Silva, de eigenaresse van het adoptiecentrum in Wadduwa.
„Het vervelende van Wadduwa is dat het zo mooi is", zegt Hanssen. „Voor mij hoeft dat niet, tenslotte ben je niet op vakantie, maar kom je een kind adopteren. In 1984 hebben we wij ons eerste kind in Sri Lanka gehaald en verbleven wij in een gewoon commercieel hotel. Wij dachten dat het centrum in Wadduwa minder commercieel zou zijn. Bij adoptie denk je toch aan filantropie. De luxe van Wadduwa spreekt ons niet aan.
„Bemiddelaars als miss Dawn beschouw ik als een gegeven", aldus Hanssen. „Zij zijn als artsen die de mens in nood helpen, maar forse tarieven hanteren. Wat miss Dawn doet, vind ik laakbaar. Het is slim bekeken van haar, maar ik noem het een rotstreek. Profiteren van de nood van een ander. Zij berekent de adoptieouders ook exorbitant hoge prijzen. Voor een lokaal gebrouwen biertje betaalde ik bij voorbeeld vijf gulden. Daar heb ik mij wild aan geërgerd, maar zolang je adopteert via commerciële bemiddeling, gebeurt dat soort dingen". Andere adoptieouders omschrijven "miss Dawn" warm als „een soort maatschappelijk werkster" die hen in den vreemde behulpzaam is geweest bij het verkrijgen van een kindje. De eigenaresse is zelf niet bereid haar drijfveren toe te lichten. Bij monde van haar advocaat mr. Manilal Fernando verontschuldigd zij zich: op medisch advies staat zij geen verslaggever te woord.
Pensionprijzen.
Voorzitter Bertie Heeg van de stichting Kind en Toekomst wil er niet van horen dat Dawn de Silva zich aan adopties verrijkt, "Al zal zij er meer aan overhouden dan ik", zegt de de stichtingsvoorzitter die tegen een minimumsalaris in dienst is van de organisatie.
Het strandhotel aan de Indische Oceaan is volgens Heeg in het bezit van Dawn de Silva, maar mede gefinancierd door drie Westduitsers, onder wie haar van oplichting verdachte echtgenoot, tandarts Wilhelm Weissgarber, die de Bondsrepubliek is ontvlucht. „In strijd met eerder gemaakte afspraken", zegt Heeg, „heeft miss Dawn onder druk van deze investeerders haar pensionprijzen voor de adoptieouders verhoogd. De prijs voor een tweepersoons kamer in het centrum mag 350 ruppies (bijna 30 gulden) zijn. Mensen als Hanssen die in januari in Wadduwa verbleven, betaalden 600 ruppies per nacht. Dat is rechtgetrokken toen ik na de inval van de politie zelf naar Sri Lanka ben gegaan om mij op de hoogte te stellen van de gebeurtenissen".
Via de bemiddeling van Kind en Toekomst zijn sinds 1984 zo''n 500 Srilankaanse kinderen, veelal zuigelingen door Nederlandse echtparen geadopteerd. Een op gemiddelden gebaseerde prijsberekening van Kind en Toekomst geeft aan dat te betalen adoptiekosten uiteenlopen van 3750 tot 5750 gulden, al naar gelang het inkomen van de aspirant- adoptieouders. Daarnaast bedragen de kosten voor de vliegtickets en het verblijf op Sri Lanka zo''n 7100 gulden. Volgens een specificatie van de adoptiekosten is 1790 gulden voor procedurekosten in Sri Lanka. Het grootste deel van dit bedrag gaat naar een advocaat, die de adoptieouders voor de rechtbank vertegenwoordigt. Voor „verzorgingskosten van kind in Sri Lanka, waarin opgenomen: huur van opvangtehuisje, personeelskosten, voeding van kinderen en personeel; reis- en/of verblijfskosten van de moeder (en vader) om naar en in Colombo te reizen en te verblijven tot het proces voltooid is" trekt de adoptiestichting 1007 gulden uit. Dat geld ontvangt Dawn de Silva, die zich nimmer een onbaatzuchtivan weldoener kan noemen.
Schijntje
Met de verzorgingskosten van een moeder en haar pasgeboren kindje is niet meer dan een schijntje van dit bedrag gemoeid. In een land waar het gemiddeld jaarinkomen zo''n 800 gulden bedraagt, vergt het maandelijks levensonderhoud slechts enkele tientallen guldens. Reis- en verblijfskosten van de tussen haakjes genoemde vader van het kind worden zelden gemaakt. In de meeste gevallen worden baby''s van ongehuwde moeders geadopteerd, van wie de vader zich weigert bekend te maken. Ervan uit gaande dat moeder en kind gemiddeld twee maanden in Wadduwa verblijven denkt voorzitter Heeg van Kind en Toekomst dat Dawn de Silva „toch wel 300 gulden per kind overhoudt". Aangenomen dat Dawn de Silva de moeders niet verwent met overvloedige diners, maar hen voedt met traditionele rijstmaaltijden die een paar dubbbeltjes kosten, lijkt een groter voordeel aannemelijk. Maar zelfs als 300 gulden de werkelijkheid nadert, heeft zij niet alleen naar Srilankaanse maatstaven, maar ook in westerse ogen de afgelopen jaren een fortuin gemaakt dan wel een klein vermogen verdiend aan adopties.
Prijzig
Terecht kan volgens voorzitter H. Groen van de adoptiestichting Flash te Nijmegen bemiddelaars in Sri Lanka worden verweten dat hun diensten prijzig zijn. „Maar de praktijk is nu eenmaal niet anders", meent Groen, die vertelt dat Flash jaren met een zeer logge bureaucratie van doen heeft als zij kinderen uit staatstehuizen wil adopteren. Flash bemiddelde in 1986 in 300 adopties. Dat is bijna de helft van een totaal van 624 Srilankaanse kinderen die vorig jaar door Nederlandse echtparen zijn geadopteerd. In Sri Lanka is de stichting Flash afhankelijk van de advocate A. Thavanesan, die kantoor houdt in de hoofdstad Colombo.
Groen: „Wij betalen mevrouw Thavanesan 1000 dollar per adoptie. Dat kun je redelijk goed noemen, maar het is geen extreem hoog bedrag". Evenmin als Dawn de Silva blijkt de advocate in Colombo bereid om over haar werkzaamheden met betrekking tot adopties te praten. „Ik wil met geen enkele journalist te maken hebben", zegt zij kort aangebonden, om vervolgens de telefoonhoorn op zijn haak te leggen. Een bemiddelend gesprek met Flash-voorzitter Groen doet haar niet van gedachten veranderen. Van de 300.000 dollar die de advocate in 1986 van Flash ontving, betaalde zij allereerst zichzelf een honorarium voor de juridische afwikkeling van de adopties. „Het geld", aldus Groen, „dekt verder de kosten die worden gemaakt voor de verzorging van moeder en kind. Zo heeft mevrouw Thavanesan ten behoeve van de adopties drie administratieve krachten in dienst en screent een ex-ambtenaar van het departement voor kinderzorg de herkomst van de kinderen. Wat mevrouw Thavanesan overhoudt van die 1000 dollar gaat mij niet aan. Het is, denk ik, niet terecht om te vragen hoeveel zij verdient. Zakelijk gezien hebben wij daar niets mee te maken. Wij hebben gewoon een bedrag afgesproken voor de diensten die zij verleent". Om enig persoonlijk voordeel uit adopties uit te sluiten, wijzen twee andere Nederlandse bemiddelingsorganisaties de diensten van particuliere tussenpersonen in Sri Lanka van de hand. Zowel de stichting Adoptie Centrum Nederland Sri Lanka (ACNS) te Groningen als de vereniging Buitenlandse adoptie Noord-Nederland Drachten BANND) in Drachten heeft adoptiecontacten met door nonnen bestuurde rooms-katholieke kloosters in Sri Lanka. „Dat is een bewuste keuze van ons geweest die winstbejag moet voorkomen", zegt ACNS-voorzitter T. Wierstra. „In de klooster van het Good Shepherd Convent worden ongehuwde moeders in de eerste plaats als moeder behandeld en niet als handelswaar beschouwd. Jaarlijks verzorgen wij ongeveer dertig adopties". De belangrijkste doelstelling van de vereniging BANND is volgens haar voorzitter, T. Postma, dat „de kinderen ter plaatse worden geholpen. Wij bemiddelen in tien tot vijftien adopties per jaar. In het algemeen wachten wij af tot een kindje ter adoptie wordt aangeboden. Het is niet zo dat wij zelf op zoek gaan naar kinderen". De eindafrekening die het ACNS en BANND adoptieouders presenteren, valt ondanks een buitengesloten persoonlijk gewin niet aanmerkelijk lager uit dan die van Flash of Kind en Toekomst. In een verantwoording van de verschillende kostenposten maakt het ACNS melding van een donatie van 500 gulden aan het klooster van de Goede Herder, die niet verplicht is, maar door de organisatie wel wordt geadviseerd omdat zij „zich verantwoordelijk voelt voor het convent en met name voor de kinderen die daar permanent verblijven". BANND brengt boven de bemiddelingskosten 750 gulden in rekening voor „de ontwikkeling van nieuwe kanalen". „Ik zou het toejuichen wanneer op winst ingestelde tussenpersonen uit de adoptiekanalen worden geweerd", zegt de Bredase advocaat mr. Hanssen. „Als adoptieouders zijn wij afhankelijk van hun diensten. Als je deze bemiddelaars niet betaalt, krijg je geen kind. Wij kunnen niets doen, maar het lijkt mij hoog tijd dat de Nederlandse overheid zich met adoptie gaat bemoeien. Zij zou moeten ingrijpen door ''middel van een vergunningenstelsel voor adoptieorganisaties". Het persoonlijk voordeel van commerciële bemiddelaars als Dawn de Silva en de advocate mr. Thanvanesa brengt vele Srilankanen op de gedachte dat adoptie gelijkstaat aan een moreel verwerpelijke babyhandel, ongeacht de oprechte motieven van Westeuropese echtparen. Topambtenaar Donald Abeysinghe van het ministerie van sociale zaken, lid van een onlangs ingestelde onderzoekscommissie die, zich de vraag heeft gesteld of de adoptiewet in Sri Lanka niet hoognodig aanpassing behoeft, vermoedt dat in de regio Colombo „een dozijn bemiddelaars op een immorele wijze veel geld verdient aan de nood van ongehuwde moeders en arme ouders".
Het derde artikel over adoptie van Srilankaanse kinderen, dat a.s. zaterdag wordt gepubliceerd, gaat over de uitzichtoze situatie van ongehuwde moeders.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.
.